Bachbloesems voor dieren

Bachbloesems voor dieren

Angst

Zonneroosje (Rock Rose)
Plotse extreme angst, paniek als gevolg van iets wat gebeurt. Bij ongelukken,
plots optredende ziekten, als het dier zeer geschrokken is.
Al te heftig opschrikken in vergelijking tot de aanleiding.

Maskerbloem (Mimulus)
Bij angsten waarvan we weten waarover het gaat. Bijvoorbeeld andere honden, kinderen, alleen zijn, …

Kerspruim (Cherry Plum)
Controleverlies, uitvallen naar andere dieren/mensen.

Ratelpopulier (esp) (Aspen)
Vage angst, waarvoor geen verklaring of reden kan gegeven worden.
Angstige voorgevoelens.
Angst dat er ‘iets’ gaat gebeuren.
Plotse angst met onbekende oorzaak.

Rode kastanje (Red Chestnut)
Ongerust zijn om naasten. Overbezorgd naar kleintjes toe bijvoorbeeld (de kittens, puppies, …)

Onzekerheid

Loodkruid (Cerato)
Gebrek aan vertrouwen in en twijfel aan zichzelf. 

Hardbloem (Scleranthus)
Niet kunnen beslissen of kiezen tussen enkele mogelijkheden.
Lang aarzelen en gespannen zijn vanuit besluiteloosheid. Kenmerkend bij een hond is bijvoorbeeld twijfelen waar een plasje te deponeren. 
Onevenwichtig, wisselende stemmingen. Wagen-, zee- en luchtziekte.

Gentiaan (Gentian)
Teleurstelling, ontmoediging, hoofd laten hangen als het dier niet krijgt wat hij of zij vraagt. 

Gaspeldoorn (Gorse)
De hoop opgegeven.
Wanhoop.

Haagbeuk (Hornbeam)
Moeheid, matheid, futloosheid. 

Ruwe dravik (Wild Oat)
Geen doel hebben. 

Onvoldoende interesse in het hier en nu

Bosrank (Clematis)
Dromerig, verstrooid, afwezig, concentratieproblemen, neiging tot flauwvallen,
flauwvallen.

Tuinkamperfoelie (Honeysuckle)
Heimwee, verdriet om het gemis van wat geweest is.

Hondsroos (Wild Rose)
Apathie, berusting. Lusteloosheid.
Zich neerleggen bij alles wat hem of haar overkomt. Geen levensvreugde (meer).

Olijf (Olive)
Geestelijk en/of lichamelijk uitgeput na moreel of fysiek lijden, bv ziekte,
(v)echtscheiding baasjes, …
Alles is een zware last.
Verlies aan interesse of concentratie door uitputting.

Paardekastanje (White Chestnut)
Aanhoudend ongewenste gedachten. Waardoor onrust. 

Herik (Mustard)
Diepe aanvallen van neerslachtigheid of wanhoop die komen en
gaan.
Somberheid, zwaarmoedigheid.
Neiging tot zich afzonderen.

Knop van de paardekastanje (Chestnut Bud)
Niet leren uit ervaringen door gebrekkige opmerkzaamheid en daardoor
steeds dezelfde ‘fouten’ (kleine en grote) maken.
Innerlijke ongedurigheid waardoor gebrek aan concentratie.
Niet stilstaan bij het gebeuren, onvoldoende evalueren omdat de aandacht al
vooruit springt naar iets anders. Chaotisch gedrag. 

Eenzaamheid

Waterviolier (Water Violet)
Trots en onbereikbaar zijn, afstandelijk, gereserveerd.
Zijn graag alleen, zeker als ze ziek zijn.

Reuzenbalsemien (Impatiens)
Ongeduldig, gespannen, gestresseerd, geïrriteerd.

Struikheide (Heather)
Zij die voortdurend zoeken naar gezelschap van wie dan ook omwille van de
behoefte problemen of wat dan ook bij iemand te zijn.
Grote behoefte aan aandacht. Wil graag in het middelpunt staan.
Kan niet alleen zijn.

Overgevoelig voor invloeden en ideeën van anderen

Agrimonie (Agrimony)
Opgewekte dieren die van een vreedzame omgeving houden en die beslist niet tegen ruzie kunnen.
Woelige slapers.

Duizendguldenkruid (Centaury)
‘Slaafs’ karakter.

Walnoot (Walnut)
Moeite met overgang naar of aanpassen aan nieuwe situaties, nieuwe
omstandigheden of een nieuwe levensfase (verhuis,
scheiding baasjes, …).

Hulst (Holly)
Licht ontvlambare kwaadheid, agressie.

Moedeloosheid en wanhoop

Lariks (Larch)
Gebrek aan zelfvertrouwen. 

Den (Pine)
Schuld(gevoel) bij het minste. 

Veldiep (Elm)
Tijdelijk gevoel van overbelasting.

Tamme kastanje (Sweet Chestnut)
Ondraaglijke smart. Het gevoel dat lichaam en/of geest de grens bereikt heeft
van zijn uithoudingsvermogen, en zal breken.
Extreme wanhoop, wanneer er nergens nog een lichtje te bespeuren is.
Moederziel alleen, totaal verloren.

Vogelmelk (Star of Bethlehem)
Geestelijke of lichamelijke schok en ontroostbaar verdriet na een pijnlijke
gebeurtenis. Een trauma en de nawerking ervan.

Wilg (Willow)
Gedraagt zich als slachtoffer.

Eik (Oak)
Vaak moe of ziek, doch doorgaan tot het bittere einde, onophoudelijke
inspanning ook al gaat het niet meer.

Appel (Crab Apple)
Gevoelig voor of gefixeerd op details. Reinigingsremedie. 

Overbezorgdheid voor het welzijn van anderen

Cichorei (Chicory)
Overbezorgd voor naasten.
Overdreven ‘bemoederen’. Wil graag gezien worden. Bezitterig naar baasjes toe. 

Ijzerhard (Vervain)
Overenthousiasme en gedrevenheid. Kunnen daardoor moeilijk ontspannen.

Wijnstok (Vine)
Dominant gedrag, ‘heerszucht’. 

Beuk (Beech)
Onverdraagzaam gedrag.

Bronwater (Rock Water)
Starheid.

Gratis E-book 'Heel jezelf'

Vul je naam en e-mailadres in en je ontvangt het zo snel mogelijk in je mailbox!
  • Wanneer ik dit formulier verstuur ga ik akkoord met de verwerking van mijn persoonsgegevens zoals beschreven in de Privacy policy