Als ik dit schrijf (zaterdag 16 oktober) zit ik in Vierhouten, vlakbij Nunspeet, in hotel De Mallejan voor een driedaagse cursus van Jan Geurtz. Grappig dat ik bij Mallejan logeer merk ik net 😉. Jan Geurtz schrijft en doceert over liefdesverslaving, verlatingsangst en verslaafd aan denken of verslaafd aan het is gelijk wat eigenlijk… Ik verslind al jaren zijn boeken, bestudeer ze van voor naar achter en omgekeerd. Omdat ik het interessant vind en natuurlijk ook omdat ik al heel wat periodes heb gehad waarin in geconfronteerd werd met míjn liefdesverslaving en verlatingsangst en die van de mensen (en zelfs dieren) die ik help met mijn Bachbloesems.

Gisterennamiddag 15 oktober was de eerste ‘lesdag’ van de cursus over spirituele liefdesrelaties. Voor mij was het allemaal herhaling, al is dat steeds interessant en nuttig, zeker als het live is. Waar ging het dan over?

Dat spiritualiteit eigenlijk het aanleren is van een nieuwe perceptie. We zijn slechts een kleine fractie van het ruime bewustzijn, die hij vergelijkt met de maan. De maan is het spirituele, het ruime bewustzijn en al haar afspiegelingen in water bijvoorbeeld: een emmer water, een plas water, een meer, de zee, … is wat wij ‘ik’ noemen, of ego.

We ervaren de ‘werkelijkheid’ op twee vlakken: 1) ons lichaam, gedachten, gevoelens zijn ‘ik’, de waarnemer. En 2) onze waarnemingen zelf en dus de wereld om ons heen is de waargenomen werkelijkheid en zien we niet als ‘ik’. Dat is dus dualistisch: ons bewustzijn heeft zich geïdentificeerd met het eerste en is zichzelf, de maan, vergeten. Want we ‘zijn’ de twee. Dat kan je voelen als je je afvraagt wie deze twee delen dan ervaart? Dat is de maan, ons ruime bewustzijn. 

Wie je denkt dat je bent is je zelfbeeld, maar dat ben je dus niet. Dat ervaar en voel je zo. Je bent wel die die alles ervaart, alles, zowel ‘ik’ als ‘niet-ik’.

Op basis van ervaringen en herinneringen (verleden), komen er verwachtingen (toekomst). Die ervaringen en wat die met ons deden, hebben ons gemaakt tot wie we denken te zijn met het daarbij horende gevoel. Het is als een sneeuwbal die steeds groter wordt. En het begint bij de geboorte (en misschien wel ervoor al): onze eerste ‘nare’ ervaring gepaard gaande met doodsangsten. Ook daarna als volledig afhankelijke baby doorsta je doodsangsten als je te lang moet wenen alvorens de geruststelling en je voeding en liefde komen. En je leert dus meteen dat dat van buitenaf komt. Dat je dat van iemand nodig hebt. Later wordt dat de liefdespartner, met alle gevolgen vandien want de angst voor het verlies van die persoon is dan al even groot als de doodsangst die je ervoer als baby. Ik vroeg aan Jan waarom we ons leven al starten met doodsangst? Waarom iets natuurlijks als een geboorte al meteen zo akelig moet zijn? Voor hem is dat onze eerste kans tot spirituele groei. Afhankelijk van waar je terecht komt, bij welke ouders dus en andere opvoeders, verloopt het daarna verder oké ofwel wordt het trauma steeds groter als je weinig reactie krijgt op je wenen, je noodkreten, je angsten. Kinderen ontwikkelen dan een soort van regels voor zichzelf om ervoor te zorgen door de omgeving geliefd en erkend te worden.

Als je je dus later identificeert met al die ervaringen en herinneringen en gevoelens, en vooral ook als je dat niet wil voelen, daar ontstaat de zelfafwijzing en de pijnen en verdriet.

Wat we nodig hebben is het ontdekken van onze autonome of inherente eigenwaarde. En dat komt er als je ziet wie je werkelijk bent: de maan. Dat je op een punt komt dat je kan zeggen: ‘Ik kan het hebben, ik bén het niet dat wat ik voel’. Je kan het loslaten of vrij laten, het mag er zijn. Om dit ‘proces’ te ondersteunen, help ik mezelf en anderen met mijn bloesemremedies.

Ook dit wordt vervolgd…

P.S. Ik schreef al heel wat over het grote vraagstuk voor velen met relatietwijfels: Scheiden of blijven? (klik er maar eens op)